Wat je aan het eind hebt
Geen zeven dagen die je doorlopen hebt, maar vijf dingen die er staan.
1. Je AI kent je zaak. Er staan 9 tekstbestanden in een map op jouw computer: wie je bent, wat je verkoopt, voor wie, wat je klant tegenhoudt, hoe jij praat en welke woorden je wel en niet gebruikt. Je AI leest die zelf, elke keer, zonder dat jij het uitlegt.
2. Er staat echt werk af, deze week al. Op woensdag staat er een post online die klinkt als jij. Op donderdag ligt er een nieuwsbrief. Geen oefening, maar iets dat de deur uitgaat.
3. Je hebt gereedschap dat alleen jij hebt. Je vertelt één keer hoe jouw nieuwsbrief in elkaar zit. Daarna typ je /nieuwsbrief en doet hij het altijd zo. Dat is geen prompt die je ergens kopieert, dat is iets wat jij gemaakt hebt.
4. Hij onthoudt wat er speelt, en je maakt een coach. Je tweede brein weet niet alleen wie je bent, maar ook wat er deze week speelde. Wat die klant maandag vroeg, wat je woensdag besloot en waarom. Je vraagt het en hij leest het terug.
En je maakt een coach van iemand van wie je wilt leren. Je schrijft haar video's uit en zet ze in een skill. Daarna stel je haar een vraag over jouw zaak, en hij antwoordt alleen met wat zij echt gezegd heeft, met de video erbij waar het uit komt. Staat het niet in haar materiaal, dan zegt hij dat. Dus hij verzint niets.
Wat je daaraan hebt: je hoeft niet meer te onthouden wat je vorige week besloot, en je hoeft geen training terug te kijken voor één antwoord. Je vraagt het, en je krijgt het, met de bron erbij.
5. Het loopt door zonder jou, en hij past in je zak. Elke maandag om 9 uur staat je weekcontent klaar in een map op je computer, zonder dat jij iets doet. En je stuurt je AI een bericht vanaf je telefoon, van de bank of van een parkeerplaats. Dat is niet een andere AI in een app: het is dezelfde, in dezelfde map, met je 9 documenten, je team, je brein en je coach erbij.